Skip to Content

Hinter der Baustelle is was een beeldend en sociaal onderzoek naar stedelijke transitie, waarin Heerlen en het gebied van Schinkelkwadrant-Zuid centraal stonden. Het project ging van start tijdens van de Stadmaakweek dat onderdeel uitmaakte van Cultura Nova (Heerlen, augustus 2021). Een deel van de bevindingen uit het onderzoek werden gepresenteerd tijdens het programma “Voorbij de groei”, dat onderdeel was van de Dag van de Stad (Heerlen, november 2021)

Hinter der Baustelle werd ondersteund door Greylight Projects, ‘PAND en Gemeente Heerlen. Ook met dank voor ondersteuning in de uitvoering aan Wouter Huis, Jules Coumans, Zoef Mashaldina, Jop Delheij, Maurice Hermans en de vrijwilligers van de Stadstuin.

Tijdens de zomer van 2021 verhuisde ik naar Heerlen, de stad waar ik een deel van mijn jeugd al doorbracht en die tijdens mijn afstudeerjaar van de opleiding Fine Arts in Maastricht een belangrijk onderwerp zou worden. Door toedoen van de lock-downs, ten gevolge van COVID-19, werd de straat een plek om soms even weg te komen van Skype of Teams meetings en een bron van materiaal en potentiële werkplekken. Tegelijkertijd werd je over straat bewegen, dat zelden al een neutrale handeling is, nu ook een risico om besmet te raken. De vaak onzichtbare vormen van controle over de manier waarop we ons op straat gedragen werd concreet toen ik stuitte op een kleine groene oase midden in het centrum van Heerlen. De Stadstuin aan het Schinkelkwartier (2019 – 2022) opende een klein luikje met uitkijk op een alternatieve vorm van stadmaken. Het braakliggend terrein werd door omwonende initiatiefnemers gebruikt als plek waar zowel letterlijk als symbolisch kon worden nagedacht over de stedelijke omgeving als tuin: een plek waar dingen organisch kunnen groeien, waar toegang laagdrempeliger is en het auteurschap gedeeld wordt, ook met meer-dan-menselijke entiteiten. Kijkend naar de organisatiemethodes van de Stadstuin en de onverwachte gebruiksvormen die daardoor op deze plek ontstonden, vielen veel paralellen op met mijn eigen maakproces als kunstenaar in opleiding: vaak rommelig, zonder concreet doeleinde en met veel nieuwsgierigheid naar toevalligheden.

Kenmerkend voor de Stadstuin was dat het altijd herkenbaar bleef als braakliggend terrein. Restanten van de sloop van het winkelcentrum dat er voorheen lag waren een belangrijk onderdeel van het ‘decor’, alsook het ontbreken van dingen of ingrepen (zoals bomen) die konden wijzen op een bepaalde permanentie van de Stadstuin. Het maakte duidelijk dat er een punt zou komen waarop de plek een herbestemming zou krijgen. De vraag was in hoeverre die tijdelijkheid bijdroeg of juist drempels opwierp aan de openheid van het initiatief, maar ook wat het zegt over de reguliere aanpak van stedenbouwkundige plannen. Heerlen kent een lange traditie aan bouwprojecten die worden ontworpen vanuit een verwachting. Er is altijd een ‘next big thing’ die een veelbelovende toekomst voor de stad aankondigt; de komst van het CBS, Nederlands grootste nieuwe winkelcentrum ’t Loon, het utopische Maankwartier, de wens om culturele hoofdstad van Europa of Sillicon Valley van Nederland te worden. Toch richtte het onderzoekstraject ‘Hinter der Baustelle’ zich liever op waar we ons in het hier en nu bevinden: niet zo zeer op de vraag of we wel of niet zouden moeten bouwen, slopen of herbestemmen, maar meer op welke kennis er schuilt op de bouwplaats zelf.

Hinter der Baustelle was een aanleiding om plekken die in transitie zijn te documenteren en gesprek aan te gaan over hoe je je identificeert met een stad waar bouwplaatsen een permanent onderdeel zijn geworden van het straatbeeld. Hoe verandert je relatie met je dagelijkse omgeving als die telkens verschuift, alsof je vast zit in het moment tijdens een toneelstuk waar het decor verwisseld wordt tussen scènes in? Houdt het je alert of leidt het tot desensitisatie? Wat maakt dat we omarmen dat een plek voor onbepaalde tijd bestemmingloos is of ons er juist tegen verzetten, zelf over alternatieven nadenken?

Van augustus tot en met oktober 2021 nodigde ik inwoners en voorbijgangers in het gebied van Schinkelkwadrant-Zuid uit om ervaringen te delen over hoe ze de stad zien veranderen. De gesprekken liepen parallel met een beeldend onderzoek: eigen documentatie kwam samen met persoonlijke fotoarchieven van mensen die momenten van sloop of nieuwbouw hadden vastgelegd, alsook resultaten van wegwerpcamera’s waarmee geïnteresseerden op pad konden gaan om plekken vast te leggen waar de bouwplaats door de tralies van bouwhekken heen sijpelt. Hinter der Baustelle werd afgerond met een open studio in ‘PAND, die op dat moment een tijdelijke locatie had in een leegstaand winkelpand aan de Promenade. Twee weken lang was er in de studio een groeiende tentoonstelling van de documentatie te bezichtigen en waren de deuren dagelijks geopend voor voorbijgangers om te reageren op de vragen die uitgelicht werden. Onderdeel van de tentoonstelling was een soundscape gemaakt door Zoef Mashaldina, bestaande uit audio opnames van de sloop van de resterende loods in de Stadstuin, te beluisteren vanuit een Boels dixietoilet.

De kennis over zowel de sociale als de esthetische waarde van stedelijke transitie die ik tijdens Hinter der Baustelle opdeed kwam terug in het afstudeerwerk dat ik later in samenwerking met Jules Coumans tot stand bracht, onder de titel ‘Desire Paths‘ (2022).

Hinter der Baustelle werd ondersteund door Greylight Projects, ‘PAND en Gemeente Heerlen. Ook met dank voor ondersteuning in de uitvoering aan Wouter Huis, Jules Coumans, Zoef Mashaldina, Jop Delheij, Maurice Hermans en de vrijwilligers van de Stadstuin.